code: GUID-CD8B88C8F5764607841EE28C8EAC09B9
name: wp1LevelMenu
friendlyname: Menu van 1 niveau
class: wp1levelmenu
rendertime: 35ms
- HOMEPAGE |
- Nysingh weet er meer van |
- Actueel |
- Bewijslast tijdig indienen bezwaarschrift
code: WPBREADCRUMBS
name: wpBreadCrumbs
friendlyname: Kruimelpad
class: wpkruimelpad shadow
rendertime: 42ms
Bewijslast tijdig indienen bezwaarschrift
LJN BV3230, ABRvS 8 februari 2012, zaaknummer 201107965/1
door mr. R.C.K. van Andel (Carola)
In deze uitspraak oordeelt de Afdeling over de vraag of appellant tijdig bezwaar heeft gemaakt. De Afdeling legt de bewijslast dat sprake is van tijdig bezwaar danwel een verschoonbare termijnoverschrijding in onderhavige kwestie nadrukkelijk bij de belanghebbende.
Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg heeft op 28 oktober 2010 bij besluit bekend gemaakt dat op 25 september 2010 spoedeisende bestuursdwang is toegepast in verband met de ruiming van een hennepkwekerij. In dat besluit is tevens onder oplegging van een last onder bestuursdwang bepaald dat de restanten van de hennepkwekerij voor 12 november moeten zijn opgeruimd. Het besluit is op 29 oktober 2010 aan appellant toegezonden. Appellant heeft vervolgens bij brief van 24 januari 2011 tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Het college heeft het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift na afloop van de termijn voor het indienen ervan is ontvangen en niet is gebleken van feiten of omstandigheden op grond waarvan redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellant in verzuim is geweest.
Appellant betoogt in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte voorbij is gegaan aan zijn handgeschreven brief die hij binnen de termijn aan het college heeft verzonden. Deze brief had volgens hem aangemerkt moeten worden als een bezwaarschrift. Het college heeft ter zitting bij de rechtbank aangegeven deze brief niet te hebben ontvangen.
De Afdeling oordeelt dat de enkele stelling dat een bezwaarschrift ter post is bezorgd, in een geval waarin het bestuursorgaan stelt het geschrift niet te hebben ontvangen, onvoldoende is om aan te nemen dat het bezwaarschrift is verzonden. Het is in dat geval aan de belanghebbende om aannemelijk te maken dat hij het geschrift ter post heeft bezorgd, bijvoorbeeld door verklaringen van getuigen.
In onderhavige kwestie heeft appellant niet aannemelijk gemaakt dat de handgeschreven brief daadwerkelijk (tijdig) ter post is bezorgd.
Appellant betoogt voorts dat wel degelijk sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. Hij voert aan dat verschillende medewerkers van de gemeente hem op het verkeerde been hebben gezet doordat zij hem hebben afgeraden bezwaar te maken.Nu appellant deze stellingen op geen enkele wijze heeft geconcretiseerd, is de Afdeling met de rechtbank van oordeel dat niet aannemelijk is gemaakt dat door een van de medewerkers van de gemeente onjuiste voorlichting is gegeven. Tevens wordt in aanmerking genomen dat het besluit van 28 oktober 2010 een juiste rechtsmiddelen clausule bevat.
Het hoger beroep is derhalve ongegrond. De uitspraak van de rechtbank dat het college het bezwaar van appellant terecht niet-ontvankelijk mocht verklaren vanwege niet verschoonbare termijnoverschrijding wordt hiermee bevestigd.
code: WPNEWS
name: wpNews
friendlyname: News
class: wpnews
rendertime: 45ms

