Een zaak beperkt zich niet altijd tot één rechtsgebied. Wij dus ook niet.

Wat houden het nieuwe centraal aandeelhoudersregister en het UBO-register in?

dinsdag 17 oktober 2017

Essentie

  • Op grond van een Europese richtlijn moet er een UBO-register worden ingevoerd. In dit register dienen alle natuurlijke personen te worden geregistreerd die meer dan 25% eigendomsbelang of meer dan 25% zeggenschapsrechten hebben in een Nederlandse rechtspersoon. Dit register komt bij de Kamer van Koophandel (“KvK”) te rusten. Het register is openbaar, wat op grote bezwaren stuit omdat daarmee de gegevens van deze personen openbaar worden. De vennootschappen en juridische entiteiten moeten zelf informatie over de UBO aanleveren aan de KvK. Het UBO-register had medio 2017 geïmplementeerd moeten zijn, maar wegens de privacy bezwaren heeft dit vertraging opgelopen
  • Naast het UBO-register is er in de Tweede Kamer een wetsvoorstel aanhangig voor een centraal aandeelhoudersregister (“CAHR”). In het CAHR staat informatie over aandelen en aandeelhouders (en pandhouders en vruchtgebruikers) van BV’s en niet-beursgenoteerde NV’s. Deze informatie is afkomstig van notarissen. Het gaat, naast het verkrijgen van aandelen, ook om wijzigingen in het bezit van aandelen op naam en de vestiging van beperkte rechten op aandelen. De huidige wettelijke verplichting van het bestuur van een BV of een niet-beursgenoteerde NV om een eigen aandeelhoudersregister bij te houden, blijft. Het CAHR-register wordt beperkt toegankelijk.
  • De regelingen inzake het beoogde UBO-register en CAHR streven grotendeels hetzelfde doel na, maar er zijn belangrijke verschillen tussen beide registers.

UBO-register

De verplichting tot het invoeren van een UBO-register vloeit voort uit de Europese Vierde Anti witwasrichtlijn (2015/849/EU). Deze richtlijn is op 25 juni 2015 in werking getreden). Het doel van deze Richtlijn is het tegengaan van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme. Om dit doel te bereiken, is elke lidstaat verplicht om van alle vennootschappen en andere juridische entiteiten die binnen de lidstaat zijn opgericht, informatie over de uiteindelijke belanghebbende (de Ultimate Beneficial Owner ofwel “UBO”) in het UBO-register op te nemen.

Onder een UBO moet worden verstaan een natuurlijke persoon die wordt gezien als:
a) de uiteindelijke eigenaar van of
b) degene die zeggenschap heeft over de desbetreffende entiteit (niet een beursgenoteerde vennootschap) door

i. een direct of indirect eigendomsbelang van meer dan 25% van de aandelen of
ii. het kunnen uitoefenen van meer dan 25% van de zeggenschapsrechten. Indien op basis van deze regel twijfel bestaat over de vraag wie UBO is of als dit op basis van deze regels niet kan worden bepaald, worden de natuurlijke personen die behoren tot het hoger leidinggevend personeel aangemerkt als UBO (ook wel de “pseudo-UBO” genoemd). Dit zijn de dagelijkse beleidsbepalers. Gedacht kan worden aan de CEO of andere leden van het bestuur. In geval van stichtingen kunnen de volgende natuurlijke personen UBO zijn: de oprichter, de begunstigden of de groep van personen in wier belang de juridische entiteit of de juridische constructie hoofdzakelijk werd opgericht of werkzaam is, of elke andere natuurlijke persoon die door directe of indirecte eigendom of via andere middelen, uiteindelijke zeggenschap over de stichting uitoefent. Een entiteit kan meer dan één UBO hebben.

De vennootschappen en juridische entiteiten moeten zelf informatie over de UBO aanleveren aan de KvK. In het openbare register worden de volgende gegevens van de desbetreffende UBO vermeld: de naam, geboortemaand en -jaar, nationaliteit, land van verblijfplaats en aard en omvang van de deelneming. Een deel van de gegevens van de UBO wordt niet openbaar en komt uitsluitend ter beschikking te staan van opsporingsinstanties (geboortedag, geboorteplaats en geboorteland, adres, BSN en fiscaal nummer, aard, nummer, datum en plaats van uitgifte identificatiedocument en documentatie waarmee de status van de UBO wordt onderbouwd). Desalniettemin is deze openbaarheid een groot bezwaar. De Minister heeft aangekondigd dat onder omstandigheden (bepaalde) UBO-informatie kan worden afgeschermd. Bijvoorbeeld bij een risico op kidnapping, chantage, geweld of intimidatie. Het probleem is echter dat dit risico vooraf moeilijk is in te schatten.
De Richtlijn geeft op hoofdlijnen de eisen aan waaraan het UBO-register minimaal moet voldoen. Een verdere uitwerking dient op nationaal niveau plaats te vinden. In Nederland zullen de meeste bepalingen uit de Richtlijn worden geïmplementeerd in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (“Wwft”). Het niet, niet juist, niet volledig dan wel niet tijdig registreren van UBO-informatie door vennootschappen en andere juridische entiteiten zal worden gesanctioneerd in de Wet economische delicten.
De Richtlijn had op 26 juni jl. geïmplementeerd moeten zijn, maar dit heeft vertraging opgelopen wegens de privacy bezwaren. Het streven is nu om begin 2018 een concept wetsvoorstel bij de Tweede kamer in te dienen en het UBO-register in de zomer van 2018 operationeel te laten zijn.

Centraal aandeelhoudersregister

Naast het UBO-register worden er voorbereidingen getroffen voor een centraal aandeelhoudersregister (“CAHR”). Het CAHR is anders dan het UBO-register. In het CAHR wordt informatie opgenomen over aandelen en aandeelhouders (en pandhouders en vruchtgebruikers) van BV’s en niet-beursgenoteerde NV’s. Alsmede van Europese NV’s en Europese coöperaties, beide met statutaire zetels in Nederland. Deze informatie is afkomstig van notarissen. De regelingen inzake het beoogde UBO-register en het beoogde CAHR streven grotendeels hetzelfde doel na.
Op dit moment wordt een aandeelhouder van een BV of niet-beursgenoteerde NV alleen in de KVK geregistreerd indien hij de enige aandeelhouder is. Heeft een vennootschap meerdere aandeelhouders, dan blijkt niet uit de KVK wie die aandeelhouders zijn. Voor dat soort informatie moet het `papieren` aandeelhoudersregister van de BV of NV worden geraadpleegd. In de praktijk zijn aandeelhoudersregisters vaak zoek. Dus een CAHR biedt hier uitkomst.
Het beheer van het CAHR wordt ondergebracht bij de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie en de notaris krijgt de verplichting om opgave te doen van voor CAHR relevante gegevens, voor zover deze voortvloeien uit een door hem gepasseerde akte. Het gaat, naast verkrijgingen van aandelen, ook om wijzigingen in het bezit van aandelen op naam en de vestiging van beperkte rechten op aandelen. De huidige wettelijke verplichting van het bestuur van een BV of een niet-beursgenoteerde NV om een eigen aandeelhoudersregister bij te houden, blijft ongewijzigd. Het register wordt beperkt toegankelijk. Het wetsvoorstel is op 19 januari 2017 ingediend bij de Tweede Kamer, maar nog niet behandeld.

Enkele verschillen tussen het CAHR en het UBO-register

– Het CAHR heeft alleen betrekking op BV’s en (niet beursgenoteerde) NV’s, terwijl het UBO-register ook ziet op stichtingen, verenigingen en personenvennootschappen.
– In het UBO-register worden alleen belangen van meer dan 25% geregistreerd; in het CAHR zal ieder belang worden opgenomen.
– De registers worden op een verschillende wijze gevuld. De gegevens in het UBO-register zijn afkomstig van de UBO’s zelf, de gegevens in het CAHR zijn afkomstig van notarissen en berusten op notariële akten. Dit brengt bijvoorbeeld een verschil in de betrouwbaarheid van de gegevens met zich.

De informatie in het UBO-register wordt openbaar toegankelijk, de informatie in het CAHR kan alleen geraadpleegd worden door de rijksbelastingdienst, andere aangewezen publieke diensten, notarissen en aangewezen Wwft-instellingen.

Meer informatie

Neem voor meer informatie over dit of andere ondernemingsrechtelijke onderwerpen contact op met Marjolein Vels, kandidaat-notaris, E: marjolein.vels@nysingh.nl | T: 055 527 1240

Actueel