Een zaak beperkt zich niet altijd tot één rechtsgebied. Wij dus ook niet.

Keert de wal het schip?

dinsdag 11 juni 2019

Op 7 mei 2019 heeft het gerechtshof Den Haag arrest gewezen in een zaak waarin Den Blijker holding op basis van een vriendendienst een aantal personen heeft vervoerd op zijn RIB-boot (Rigid Inflatable Boat) met het doel samen een leuke dag te beleven. Tijdens deze vaartocht heeft één van de passagiers letsel opgelopen. De vraag die het hof nu diende te beantwoorden was of Den Blijker hiervoor aansprakelijk gehouden moest worden.

Feiten

Op 21 juli 2013 is in het kader van een uitje een boottocht gemaakt met de RIB van Den Blijker Holding. Er zijn een aantal personen ingestapt en een aantal niet, nadat zij gewaarschuwd waren voor de risico’s die aan een dergelijke vaartocht verbonden zijn. Een RIB kan immers hard varen en in combinatie met golven kan het daarbij zijn dat de boot op het water stuitert. Bij aankomst van de boot in Scheveningen bleek dat één van de passagiers, appellant in deze procedure, een gebroken rug had opgelopen tijdens de vaartocht. Appellant stelt dat Den Blijker holding onrechtmatig heeft gehandeld door passagiers op een RIB te vervoeren terwijl Den Blijker had moeten weten dat de kans bestaat dergelijk letsel op te lopen. Den Blijker heeft daartegenover gesteld dat de risico’s bekend waren bij de passagiers en dat het meevaren aanvaarding van dit risico is. De vraag is dan: wie moet zich aan wie aanpassen? Had er anders gevaren moeten worden, zodanig dat dergelijk letsel niet had kunnen ontstaan of had appellant, na de gegeven waarschuwing, er voor moeten kiezen niet mee te varen omdat er aan het meevaren risico’s waren verbonden?

De rechtbank

In eerste aanleg zijn de vorderingen van appellant afgewezen. Niet is immers gebleken dat appellant letsel heeft opgelopen door een omstandigheid die een zorgvuldig bestuurder heeft kunnen vermijden of waarvan een zorgvuldig bestuurder de gevolgen heeft kunnen vermijden (artikel 8:974 BW). Evenmin zijn er feiten of omstandigheden gesteld waaruit geconcludeerd moet worden dat het letsel te wijten is aan de schuld of nalatigheid van Den Blijker (artikel 8:504 lid 5 BW).

Het gerechtshof

In hoger beroep oordeelt het hof dat niet is gebleken dat het letsel dat appellant heeft opgelopen tijdens de vaartocht, letsel is dat redelijkerwijs te verwachten is tijdens het varen met een RIB. Het feit dat dergelijk letsel vaker wordt opgelopen, zegt niets nu er jaarlijks duizenden vaartochten met RIB’s worden ondernomen. Bovendien is niet duidelijk of vergelijkbare letsels bij andere passagiers opgelopen zijn tijdens vaartochten die gelijk zijn aan de vaartocht op de RIB van Den Blijker. De omstandigheid dat bij het varen met een RIB onder omstandigheden aanzienlijke krachten kunnen optreden (hetgeen bij Den Blijker bekend was), wettigt niet de gevolgtrekking dat het letsel van appellant redelijkerwijs te verwachten was, aldus het hof. Het hof geeft aan dat het voor de deelnemers vooraf duidelijk was dat de RIB klappen op het water zou kunnen maken en dat aan het meevaren risico’s waren verbonden. Den Blijker is voor aan de vaartocht verbonden risico’s niet zonder meer aansprakelijk, ook al zouden de risico’s op zichzelf geheel vermeden kunnen worden door heel zacht of niet te varen. Er was in de gegeven omstandigheden sprake van een situatie waarin de deelnemers wisten en ermee instemden dat er daadwerkelijk enige actie op het water zou zijn, en die in zoverre dan ook vergelijkbaar is met een sport- en spelsituatie.

Keert de wal het schip?

Appellant had zich volgens het hof moeten aanpassen aan de omstandigheden en niet andersom. Voor aansprakelijkheid van Den Blijker is meer nodig dan de enkele aanwezigheid en het zich realiseren van de risico’s die verbonden zijn aan het varen met een RIB. Voor aansprakelijkheid zal sprake moeten zijn van bijkomende omstandigheden, waarbij het hof aangeeft dat dan gedacht moet worden aan het veroorzaken van een groter gevaar dan waarop de deelnemers bedacht moesten zijn.

Meer informatie

Voor meer informatie over dit of andere aansprakelijkheidsrechtelijke onderwerpen kunt u contact opnemen met onze aansprakelijkheidsrechtspecialist Lianne van den Ham, E: lianne.vandenham@nysingh.nl | T: 055 527 14 90 | M: 06 – 20 84 63 85.

Actueel