Een zaak beperkt zich niet altijd tot één rechtsgebied. Wij dus ook niet.

De verzwaarde aansprakelijkheidsmaatstaf voor bestuurdersaansprakelijkheid

woensdag 7 januari 2015

Uitgangspunt in het Nederlandse rechtspersonenrecht, is dat bestuurders van rechtspersonen slechts in uitzonderingsgevallen persoonlijk aansprakelijk zijn voor de schulden van de vennootschap.

Indien een vennootschap tekortschiet in de nakoming van een verbintenis of een onrechtmatige daad pleegt, dan is alleen de vennootschap aansprakelijk voor de daaruit voortvloeiende schade.
Bijzondere omstandigheden kunnen er evenwel toe leiden, dat naast de vennootschap ook de bestuurder ervan aansprakelijk is.
Voor het aannemen van dergelijke aansprakelijkheid is vereist, dat die bestuurder ter zake van de benadeling een persoonlijk en ernstig verwijt gemaakt kan worden.

De Hoge Raad heeft zich in het verleden in deze zin meerdere malen uitgelaten.

Een hoge drempel voor aansprakelijkheid van een bestuurder tegenover een derde wordt, aldus de Hoge Raad,  gerechtvaardigd door de omstandigheid dat ten opzichte van de wederpartij primair sprake is van handelingen van de vennootschap en door het maatschappelijk belang dat wordt voorkomen dat bestuurders hun handelen in onwenselijke mate door defensieve overwegingen laten leiden.

Er zijn globaal twee situaties te onderscheiden, waarbij de bestuurder onrechtmatig handelen kan worden verweten:
1.  Indien de bestuurder namens de vennootschap een rechtshandeling aangaat, waarbij hij op dat moment weet of redelijkerwijs behoort te begrijpen, dat de vennootschap de daaruit voortvloeiende verplichtingen niet kan nakomen en ook geen verhaal biedt voor de daaruit voortvloeiende schade.
2. Indien de bestuurder bewerkstelligt of toelaat dat de vennootschap haar wettelijke of contractuele verplichtingen niet nakomt.

Een bestuurder die zich schuldig maakt aan dergelijk handelen kan daarvan (in beginsel) een persoonlijk en ernstig verwijt worden gemaakt.

De hiervoor beschreven situaties betreffen handelen van betrokkene bij zijn taakvervulling als bestuurder. Voor die situaties geldt de verzwaarde aansprakelijkheidsmaatstaf (persoonlijk en ernstig verwijt).

Maar uit het feit dat iemand bestuurder is van een vennootschap, maakt nog niet dat al zijn handelen getoetst moet worden binnen het kader van bestuurdersaansprakelijkheid.
Het is heel goed denkbaar, dat de bestuurder in een andere hoedanigheid handelt, bijvoorbeeld als beroepsbeoefenaar.

Zo zal een advocaat of notaris die bestuurder is van zijn eigen vennootschap waarin hij de praktijk uitoefent, niet in zijn hoedanigheid van bestuurder worden beoordeeld, maar in zijn hoedanigheid van beroepsoefenaar, bij wie een zekere mate van deskundigheid geacht wordt aanwezig te zijn.
Voor aansprakelijkheid van zo een beroepsbeoefenaar, ligt de lat lager, dan bij bestuurdersaansprakelijkheid. Aansprakelijkheid in dit geval is immers al aan de orde, indien betrokkene heeft gehandeld in strijd met een op hem in de hoedanigheid van deskundig beroepsbeoefenaar rustende zorgvuldigheidsnorm.

Het is dus van belang om onderscheid te maken of betrokkene heeft gehandeld in hoedanigheid van bestuurder of in een andere, meer ‘eigen’  hoedanigheid.
De grens tussen deze hoedanigheden kan in de praktijk wel eens moeilijk te trekken zijn, maar is uiterst relevant voor de vraag vanuit welk perspectief de eventuele aansprakelijkheid van de betrokkene dient te worden beschouwd.

Actueel