De ACM roept het Ministerie van EZK op om met wetgeving te komen zodat er meer regulering tot stand komt als het gaat om waterstof en toezicht daarop.

Key takeaways

  • Bij experimenten met waterstof binnen de gebouwde omgeving, in het kader van de energietransitie, bestaan er volgens de ACM risico’s op het gebied van veiligheid en consumentenbescherming en ontstaan er vragen over de rol van netbeheerders.
  • De ACM roept het ministerie van EZK op om zo spoedig mogelijk met nieuwe wetgeving voor waterstof te komen.
  • In de tussentijd wil de ACM met verschillende partijen afspraken maken die gaan gelden voor waterstofexperimenten. Daarbij wil zij netbeheerders ook meer ruimte bieden om, onder voorwaarden, te experimenteren met het transport van waterstof. De ACM zal, als wordt voldaan aan de voorwaarden, hierbij niet handhavend optreden.

Specifieke regelgeving voor waterstof ontbreekt

Duurzame energie zal in de komende jaren een steeds grote rol krijgen in de energievoorziening. Om deze energietransitie mogelijk te maken en goed te laten verlopen, zullen experimenten noodzakelijk zijn. De verwachting is dat onder meer waterstof een belangrijke rol gaat spelen in deze transitie. Dat is reden voor de Autoriteit Consument & Markt (ACM) om in haar ‘Signaal 2021’ dat onlangs is gepubliceerd aandacht te besteden aan waterstof.

Op dit moment wordt er binnen pilots al geëxperimenteerd met waterstoflevering aan consumenten in de gebouwde omgeving. Andere pilots zullen op korte termijn starten. De ACM geeft aan dat dit soort pilots nuttig en nodig is om ervaring op te doen met de praktische toepassing van waterstof als warmtevoorziening. Daarnaast kunnen deze pilots waardevolle informatie opleveren over het hergebruik van gasnetten en de aanpassingen die daarvoor nodig zijn. Daarbij wijst de ACM erop dat voor de levering van waterstof aan consumenten binnen de gebouwde omgeving nog geen specifieke regelgeving bestaat. Dat roept vragen op. De belangrijkste vragen gaan volgens de ACM over veiligheid, consumentenbescherming en de rol van netbeheerders.

Veiligheid, consumentenbescherming en rol van netbeheerders

Volgens de ACM is het onwenselijk dat er geen specifieke regels zijn voor het aanleggen en beheren van een veilige waterstofinfrastructuur binnen de gebouwde omgeving en dat er geen toezichthouder is die de veiligheid binnen pilots afdwingt of kan ingrijpen als er iets misgaat. De ACM benadrukt dat goed toezicht belangrijk is.

Op het punt van de consumentenbescherming constateert de ACM een lacune, omdat de sectorspecifieke wetgeving die er nu is op het gebied van consumentbescherming niet van toepassing is bij de levering in het kader van waterstofexperimenten. De ACM wil dat consumenten ook bij die experimenten worden beschermd als het gaat om betaalbaarheid en leveringszekerheid. Ook hier benadrukt de ACM het belang van toezicht.

Daarnaast wijst de ACM erop dat er op dit moment wettelijk gezien geen ruimte is voor netbeheerders om waterstofactiviteiten op te starten of deel te nemen aan waterstofexperimenten.

Ruimte voor experimenten, maar wel onder voorwaarden

Momenteel is het ministerie van EZK bezig om een tijdelijk kader te ontwikkelen waarmee binnen waterstofpilots op een verantwoorde manier kan worden omgegaan met risico’s en onzekerheden. Ook wordt een verkennend onderzoek gedaan in de Green Deal H2-wijken. Vooruitlopend op wetgeving en de uitkomsten van genoemd verkennend onderzoek, wil de ACM samen met het ministerie van EZK, andere relevante toezichthouders en partijen voorwaarden opstellen voor waterstofpilots binnen de gebouwde omgeving om tegemoet te komen aan de hiervoor benoemde lacunes in de wetgeving. De ACM wil netbeheerders in dat kader toestaan om binnen afgebakende pilots in de gebouwde omgeving te experimenteren met waterstof. Zolang de netbeheerders zich houden aan de vooraf opgestelde voorwaarden en de veiligheid en consumentenbescherming waarborgen, zal de ACM niet handhaven jegens de bij de experimenten betrokken netbeheerders. Ondanks de focus op experimenten binnen de gebouwde omgeving, geeft de ACM aan ook bereid te zijn om experimenten buiten de gebouwde omgeving te overwegen.

Volgens de ACM moet aan verschillende voorwaarden worden voldaan om een experiment door te laten gaan. Partijen die bij een waterstofexperiment betrokken zijn zullen als het aan de ACM ligt vooraf een experiment moeten aanmelden bij de ACM. Daarnaast noemt de ACM de volgende voorwaarden: (i) het experiment ziet op de toepassing van waterstof als warmtevoorziening in de gebouwde omgeving, (ii) de veiligheid wordt gewaarborgd, (iii) consumenten worden goed geïnformeerd, (iv) consumenten kunnen gedurende het experiment een helder contract afsluiten, (v) de rol van de netbeheerders is beperkt tot de aanleg, het beheer en onderhoud van het waterstofnet, waarbij zij het transport van waterstof over het net mogen verrichten zolang zij geen rol hebben bij de productie, handel en levering, (vi) het experiment draagt bij aan een leerdoel en resultaten worden gedeeld met de markt, (vii) de omvang niet groter is dan nodig om het leerdoel te bereiken, en (viii) het experiment is van tijdelijke duur.

De ACM wil deze voorwaarden verder uitwerken in overleg met de hiervoor genoemde partijen.

Regulering in aantocht

Waar de ACM naar toe wil is dat er meer regulering tot stand komt als het gaat om waterstof en dat daar ook toezicht op wordt gehouden. Zij roept het ministerie van EZK op om snel met wetgeving te komen. Dat betekent dat de speelruimte van de bij waterstof betrokken partijen wordt ingekaderd. En als het aan de ACM ligt gebeurt dat al voordat die wetgeving er is. Bij gebrek aan wetgeving zal gedegen moeten worden bepaald waar die inkadering op gebaseerd wordt.

Voor meer informatie of vragen hierover kunt u contact opnemen met Ekram Belhadj, specialist in ons team Energietransitie & Duurzaamheid.