In de praktijk ontvangen wij veel vragen van zorgaanbieders over het eenzijdig beëindigen van een behandelingsovereenkomst. Een veelvoorkomende situatie is dat een cliënt met een Wlz-indicatie voor zorg en verblijf op een locatie van een zorgaanbieder verblijft waar niet langer passende zorg kan worden geboden. De zorgaanbieder acht het in het belang van de cliënt om te verhuizen naar een andere locatie van de zorgaanbieder of naar een andere zorgaanbieder waar wél passende zorg kan worden geleverd. De cliënt – of diens wettelijk vertegenwoordiger – weigert echter hieraan mee te werken. Kan de zorgaanbieder in een dergelijk geval de behandelingsovereenkomst eenzijdig beëindigen?
Gewichtige redenen
Een behandelingsovereenkomst kan op grond van artikel 7:460 BW door een zorgaanbieder alleen eenzijdig worden opgezegd als sprake is van een gewichtige reden. Er is sprake van een gewichtige reden op het moment dat de aard en/of omvang van de hulpvraag wezenlijk wijzigt, waardoor de zorgaanbieder niet langer passende zorg kan aanbieden.
Zorgvuldigheid
Indien de zorgaanbieder niet langer passende zorg kan verlenen, kan de zorgaanbieder dus een behandelingsovereenkomst beëindigen. Daarbij dient de zorgaanbieder wel de vereiste zorgvuldigheid in acht te nemen. In de hiervoor geschetste situatie brengt dit het volgende mee.
Allereerst zal de zorgaanbieder samen met de cliënt of zijn wettelijk vertegenwoordiger op zoek moeten gaan naar een oplossing voor het probleem, namelijk dat de zorgaanbieder geen mogelijkheden meer heeft om de cliënt passende zorg te leveren. De zorgaanbieder zal de cliënt alternatieve locaties moeten aanbieden en — als daarvoor toestemming wordt verleend — de cliënt alvast moeten aanmelden bij deze locaties. Het is van belang dat de zorgaanbieder veel tijd en gelegenheid biedt voor het voeren van gesprekken hierover met de cliënt of vertegenwoordiger. Zij moeten goed worden geïnformeerd over de achteruitgang in de gezondheid van de cliënt en de noodzaak van de overplaatsing naar een andere locatie. Deze gesprekken zijn nodig om draagvlak te creëren bij de cliënt of de wettelijk vertegenwoordiger voor de noodzakelijke overplaatsing naar een andere locatie.
Wordt het aanbod van deze alternatieve locaties echter geweigerd door de cliënt (of diens wettelijk vertegenwoordiger), dan moet de zorgaanbieder de cliënt eerst waarschuwen dat dit ertoe kan leiden dat de zorgaanbieder de behandelingsovereenkomst uiteindelijk eenzijdig zal moeten opzeggen. Van de zorgaanbieder kan namelijk niet worden verwacht dat hij onverantwoorde zorg blijft leveren. Als de cliënt ondanks deze waarschuwing de alternatieve locaties blijft weigeren, kan de zorgaanbieder besluiten de behandelingsovereenkomst op te zeggen.
De opzegging dient zorgvuldig te gebeuren. Dat betekent dat de zorgaanbieder een redelijke opzegtermijn in acht moet nemen en tot het moment van beëindiging de noodzakelijke hulp blijft verlenen. Wat een redelijke termijn is, hangt af van de specifieke omstandigheden van het geval. Soms hebben zorgaanbieders in hun algemene voorwaarden een opzegtermijn opgenomen. Tot slot moet de cliënt mondeling zijn geïnformeerd over het besluit tot opzegging en moet dit besluit schriftelijk worden bevestigd.
Welke rol heeft de wettelijk vertegenwoordiger?
Heeft de cliënt een wettelijk vertegenwoordiger? Dan moet deze steeds een afschrift van de waarschuwingen ontvangen en worden betrokken bij de keuzes voor andere locaties of aanbieders. De wettelijk vertegenwoordiger kan deze alternatieven niet zomaar weigeren. Deze heeft de verantwoordelijkheid om in het belang van de cliënt te handelen (artikel 7:465 lid 5 BW). Onder de genoemde omstandigheden valt daar ook onder dat de wettelijk vertegenwoordiger een aanbod voor een passende woonplek in het belang van de cliënt aanvaardt. De zorgaanbieder kan de wettelijk vertegenwoordiger op deze verantwoordelijkheid aanspreken.
Welke rol heeft het zorgkantoor?
Een Wlz-indicatie geeft aan cliënten een recht op zorg en vaak ook verblijf. Het zorgkantoor heeft op grond van artikel 4.2.1, eerste lid Wlz een zorgplicht om voor de cliënten met een indicatie passende zorg te vinden. Een Wlz-indicatie geeft echter geen aanspraak op zorg en verblijf op een specifieke locatie. Indien een zorgaanbieder de zorgovereenkomst (rechtmatig) beëindigt, omdat de zorgaanbieder geen passende zorg kan bieden en de cliënt bovendien weigert mee te werken aan een overplaatsing naar een andere locatie of aanbieder, dan is het uiteindelijk aan het zorgkantoor om voor de cliënt passende zorg te vinden. In de praktijk wekt het zorgkantoor nog wel eens de indruk dat dit anders ligt. Toch ligt de eindverantwoordelijkheid voor de plaatsing bij een passende aanbieder echt bij het zorgkantoor.
Tot slot
Het besluit om een zorgovereenkomst eenzijdig op te zeggen mag niet lichtvoetig worden genomen. Een (tucht)rechter zal over het algemeen niet snel aannemen dat er sprake is van een gewichtige reden. Laat u daarom juridisch adviseren over de haalbaarheid van een voorgenomen opzegging en de noodzakelijke stappen. Heeft u vragen over de gewichtige redenen en/of de zorgvuldigheidseisen bij het eenzijdig beëindigen van een behandelingsrelatie? Neem dan contact op met onze gezondheidsrecht specialisten.


