De Hoge Raad heeft recent (namelijk bij arrest van 5 maart 2021, de uitspraak vindt u hier) duidelijkheid gegeven over de rechtsgevolgen van een termijnoverschrijding, zoals bedoeld in artikel 5:16 lid 1 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz).

Zorgmachtiging

De uitspraak ziet op situaties waarin een procedure voor het verkrijgen van een zorgmachtiging in gang is gezet. Met een zorgmachtiging kan verplichte zorg aan een betrokkene worden opgelegd.

 

Het voorbereiden van de zorgmachtiging geschiedt in nauw overleg tussen de officier van justitie en de geneesheer-directeur: laatstgenoemde bereidt het zorginhoudelijke deel voor, en de officier dient het verzoek bij de rechtbank in. Zij dragen er zodoende gezamenlijk zorg voor dat de rechter zal kunnen beschikken over een volledig dossier, waarin alle relevante informatie die noodzakelijk is voor de rechterlijke beoordeling aanwezig is.

 

In dat kader bepaalt artikel 5:16 lid 1 Wvggz dat zodra een betrokkene van de geneesheer-directeur de mededeling heeft ontvangen dat een verzoek om een zorgmachtiging wordt voorbereid, de officier van justitie 4 weken de tijd heeft om aan (onder meer) de betrokkene zijn beslissing mede te delen of wordt voldaan aan de criteria voor verplichte zorg.

Niet-ontvankelijkheid?

Een termijn van 4 weken is kort. Het komt dan ook voor dat de officier van justitie niet binnen deze termijn de bedoelde mededeling kan doen. De wetgever heeft aan de overschrijding van deze termijn geen sanctie verbonden. In de lagere rechtspraak is geprocedeerd over het rechtsgevolg dat aan de termijnoverschrijding verbonden zou moeten worden. Daarin is de lijn uitgezet dat op deze grond geen niet-ontvankelijkverklaring van de officier van justitie volgt. Bij uitspraak van 5 maart bevestigde de Hoge Raad deze lijn.

 

Hoewel van de officier van justitie mag worden verwacht dat hij uiterlijk binnen 4 weken zijn beslissing meedeelt, strookt een niet-ontvankelijkheidsverklaring van de officier van justitie volgens de Hoge Raad niet met de bij het verkrijgen van een zorgmachtiging betrokken belangen. De belangen van een betrokkene worden namelijk in beginsel door een termijnoverschrijding niet geschaad.

 

In geval van een termijnoverschrijding waardoor de betrokkene wél nadeel heeft ondervonden, kan op grond van artikel 10:12 lid 3 Wvggz om schadevergoeding worden verzocht.

Kan Nysingh u helpen?

Mocht u vragen hebben over de Wvggz, dan zijn de specialisten van de marktgroep Zorg u graag van dienst.