Overheden die opdrachtgever zijn van een bouwproject kunnen worden geconfronteerd met schadeclaims van derden. Hoe zit het dan met de aansprakelijkheid als opdrachtgever van een bouwproject bij zulke schades? Ook contracten, verzekeringen, monitoring en de publieke rol van de overheid spelen dan een belangrijke rol. In deze blog worden vijf valkuilen van aansprakelijkheid en verzekering voor overheden behandeld.
Valkuil 1: aansprakelijkheid zonder aantoonbare fout
Wanneer bij de uitvoering schade wordt veroorzaakt aan zaken van derden, kan de overheid als opdrachtgever veelal zelf geen verwijt worden gemaakt. Zonder schuld is er in beginsel ook geen aansprakelijkheid. Dat geldt te meer voor overheden als opdrachtgevers van aannemers. Overheden zijn door de wetgever bewust buiten de risicoaansprakelijkheid van opdrachtgevers voor fouten van opdrachtnemers zoals aannemers gehouden. Het Burgerlijk Wetboek geeft in artikel 6:171 BW de mogelijkheid van zulke risicoaansprakelijkheid van opdrachtgevers, maar deze aansprakelijkheidsgrondslag is uitdrukkelijk beperkt tot een bedrijfsmatige opdrachtgever.
Een opdrachtgever kan kortom civiel aansprakelijk zijn voor schade door fouten van zijn opdrachtnemer, maar dit geldt dus alleen voor bedrijfsmatige opdrachtgevers. Voor overheden niet. De wetgever heeft dit bewust gedaan, omdat de wetgever overheden hiermee niet wilde belasten. Wanneer een aannemer bij een opdracht voor een overheid een fout maakt en daardoor schade veroorzaakt, kan de schadelijdende partij niet ook de overheid als opdrachtgever aansprakelijk houden. Dat kan alleen als de overheid ook zelf een fout heeft gemaakt die tot deze schade leidde.
Verdieping: het Afzinkkelder-arrest voor overheden
Tot zover lijken overheden een eenvoudige positie bij bouwprojecten te hebben. Toch is dat niet zo. Een overheid kan ondanks art. 6:171 BW mogelijk toch risicoaansprakelijk zijn voor schades die een aannemer veroorzaakt. Zo bestaat dit mogelijke aansprakelijkheidsrisico voor overheden sinds het Afzinkkelder-arrest uit 2024 (ECLI:NL:HR:2024:17). De Hoge Raad oordeelde daarin dat een aannemer ook bij een zorgvuldige uitvoering van het bouwproject aansprakelijk kan zijn, als tenminste sprake is van vier omstandigheden:
- Er bestaat ook bij zorgvuldig werken een “aanmerkelijk risico” op schade;
- De bouwactiviteiten waren niet in het voordeel van de schadelijdende partij;
- De schade behoort “niet zonder meer tot hetgeen door een derde moet worden geduld”;
- Het ligt veeleer op de weg van de aannemer “om zich tegen aansprakelijkheid te verzekeren”.
Dit kun je een risicoaansprakelijkheid noemen, waarbij het niet meer om schuld maar om risico gaat. Voor overheden als opdrachtgever van bouwprojecten is deze uitspraak van de Hoge Raad ook van belang. Weliswaar zag dit oordeel slechts op de aannemer. Niettemin is er een reëel risico dat het Afzinkkelder-arrest ook wordt toegepast op opdrachtgevers. Zo is het Afzinkkelder-arrest ook al toegepast op een opdrachtgever van een bouwproject (Rechtbank Rotterdam 5 juni 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:5358). Daar ging het echter om een bedrijfsmatige opdrachtgever, geen overheid. Dit verschil is mogelijk van belang, omdat de wetgever zoals gezegd met art. 6:171 BW ervoor heeft gekozen om overheden te ontzien bij schades door fouten van aannemers. Mogelijk rechtvaardigt dit dan ook voor de risicoaansprakelijkheid uit het Afzinkkelder-arrest een andere benadering van overheden als opdrachtgevers. Of dit werkelijk zo zal zijn en dit opweegt tegen de argumenten om deze risicoaansprakelijkheid ook door te trekken naar overheden als opdrachtgever is niet zeker. Ongetwijfeld zal dit door de rechter moeten worden beoordeeld.
Overheden doen er wijs aan om dit risico op risicoaansprakelijkheid vooralsnog mee te wegen bij hun bouwprojecten en dit mee te nemen in hun contracten met opdrachtnemers. Daarmee kan deze eerste valkuil worden vermeden. Maar ook dan zijn er nog andere valkuilen om te vermijden.
Valkuil 2: bouwprojecten zonder goede contracten
Uiteraard ligt er altijd een contract ten grondslag aan een bouwproject, maar een goed contract regelt ook wat geldt bij een onverhoopte schade. Hoewel hiervoor men vaak vrijwaringen opneemt, leert de ervaring dat niet alle zaken altijd even goed zijn geregeld.
Een voorbeeld: vaak worden de standaard UAV 2012 voorwaarden van toepassing verklaard. Dat is op zich positief. Maar in de UAV 2012 staat een arbitragebeding dat bepaalt dat geschillen die verband houden met het bouwproject niet bij de Raad van Arbitrage voor de Bouw moeten worden gebracht. Dat is prima voor bijvoorbeeld geschillen met de aannemer die zien op de kwaliteit van het bouwwerk. Maar bij schadeclaims door derden kan dit compliceren. Wanneer een schadelijdende derde bij de rechtbank een procedure start tegen de overheid, belet het beding dat de overheid bij diezelfde rechtbank een vrijwaringsprocedure kan starten tegen de aannemer. Die procedure moet dan bij de Raad van Arbitrage voor de Bouw worden gestart. Beter is daarom als in het contract met de aannemer specifiek wordt bedongen dat onderlinge geschillen die verband houden met schades van derden, ook voor de overheidsrechter mogen worden gebracht.
Valkuil 3: bouwprojecten zonder goede verzekeringsdekking
Overheden hebben vaak eigen aansprakelijkheidsverzekeringen en ook CAR-verzekeringen. Maar deze verzekeringen hebben vaak voorwaarden of uitsluitingen die maken dat niet alle projecten of schades verzekerd zijn. Zo moeten soms bouwprojecten vooraf gemeld zijn bij de verzekeraar. Controleer daarom bij elk bouwproject specifiek of de eigen verzekeringen wel dekking bieden.
Belangrijk is ook dat de aannemer goede verzekeringsdekking heeft. In de UAV 2012 wordt een verzekeringsplicht op de aannemer gelegd, maar de betekenis daarvan kan tot discussie leiden. Beter is om de verzekeringsplicht in het contract te concretiseren en om vooraf bij de aannemer de polisstukken te controleren. Achteraf zal het meestal te laat zijn.
Valkuil 4: bouwprojecten zonder goede monitoring
Bij veel bouwprojecten bestaat er enige kans op schade aan belendende panden. Bijvoorbeeld vanwege grondbewegingen als gevolg van grondwateronttrekking of heiwerkzaamheden. Niet elke grondbeweging leidt per se tot schade, maar het is goed om al tijdens de werkzaamheden informatie te hebben over de invloed van het werk. Om die reden wordt in de praktijk regelmatig gebruik gemaakt van monitoring, bijvoorbeeld door trillingsmeters. Ook vinden vaak vooropnames van omliggende gebouwen plaats. De vraag blijft echter altijd tot hoever men moet gaan. Ergens zal men een grens trekken: men kan niet alle gebouwen monitoren en dat hoeft natuurlijk ook niet.
Wanneer schade ontstaat bij een gebouw dat geen monitoring of vooropname had, kan de discussie ontstaan of dat gebouw ten onrechte niet is meegenomen. Als dat laatste zo is, kunnen rechters het bewijsrisico dat vervolgens is ontstaan omtrent de schadeveroorzaking op de aannemer en de opdrachtgever leggen. Het is belangrijk zich bewust te zijn van dat risico.
Valkuil 5: de dubbele petten van de overheid
Overheden hebben vaak dubbele petten op. Bij bouwprojecten is de overheid niet alleen de opdrachtgever van een aannemer. De overheid blijft ook een overheid. Als zodanig blijven er bestuursrechtelijke regels gelden die ook bij bouwprojecten relevant kunnen blijken. Zo moet de overheid ermee rekening houden dat anderen inzage kunnen krijgen in documenten en correspondentie op basis van de Wet Open Overheid.
Daarnaast is de overheid vaak ook toezichthouder op (aspecten van) zijn eigen bouwprojecten. Wanneer schade ontstaat door een bouwproject, wordt vaak niet alleen gekeken naar eventuele fouten van de aannemer en de overheid als opdrachtgever, maar ook of er voldoende toezicht was.
Meer weten? Gratis webinar 15 december 2026
Over deze vijf valkuilen valt veel meer te vertellen. Jonathan Overes, als advocaat aansprakelijkheidsrecht en verzekeringsrecht gespecialiseerd in schadeclaims tegen overheden bij bouwprojecten, zal in een webinar op 15 december 2026 breder en dieper op deze vijf valkuilen ingaan. Tijdens dit gratis webinar van ca. 1 uur (start 10.00 uur) zal hij vertellen over zijn ervaringen en praktische tips geven. Ook zal in dat webinar extra aandacht worden gegeven aan schadeclaims die te maken hebben met grondwateronttrekking, wat steeds vaker voorkomt.
Juristen, verzekeringsadviseurs, schadebehandelaren en andere geïnteresseerden die werkzaam zijn bij overheden (zoals gemeenten, waterschappen en provincies) en semi-overheden (zoals overheidsbedrijven) kunnen zich hier aanmelden voor het webinar.


