Een zaak beperkt zich niet altijd tot één rechtsgebied. Wij dus ook niet.

Tijdelijke Regeling Verhaalsrechten en Bedrijfsregeling Brandregres

dinsdag 12 februari 2019

Hof Arnhem-Leeuwarden 20 maart 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:2632
(De tekst van deze uitspraak is niet gepubliceerd op rechtspraak.nl, wel in het tijdschrift Schip & Schade, 2018/97)

Aanleiding

Deze zaak vormt een aardige illustratie van een situatie waarin vervoer- en verzekeringsrecht samengaan. Wat was daarin aan de hand? Spoorlijn
Aanleiding voor de zaak vormde een ontsporing van een goederentrein met daarachter negen met kalk geladen wagons nabij het station Amsterdam-Muiderpoort. Spoorwegbeheerder ProRail spreekt ter zake van door haar geleden schade aan de railinfrastructuur, spoorwegondernemer DB Schenker aan die de betreffende goederen vervoerde. Tussen ProRail en DB Schenker is een zogenaamde toegangsovereenkomst gesloten met daarin onder meer een regeling met betrekking tot aansprakelijkheid van partijen.

Property verzekering

Een interessant aspect betreft de omstandigheid dat ProRail weliswaar een property verzekering (waaronder schade aan haar railinfrastructuur gedekt is) heeft afgesloten, maar zij niettemin de schade verhaalt op DB Schenker. Daar heeft ProRail een goede reden voor, omdat de property polis uitsluitend schade dekt “voor zover deze schaden, binnen het raam van de aansprakelijkheidsstelling, niet verhaalbaar zijn”. Dat lijkt een handige polisbepaling ten behoeve van property verzekeraars, maar dat ziet de aansprakelijk gestelde partij DB Schenker anders.

Omzeiling Tijdelijke Regeling Verhaalsrechten en Bedrijfsregeling Brandregres?

DB Schenker stelt zich namelijk op het standpunt dat dit een ontoelaatbare omzeiling is van de Tijdelijke Regeling Verhaalsrechten en de Bedrijfsregeling Brandregres. ProRail stelt zich immers op het standpunt dat DB Schenker (onder meer) aansprakelijk is op grond van artikel 6:173 BW (gebrekkige roerende zaak vanwege het bezwijken van de as van een wielstel van één van de wagons) en dat beroep zou aan de property verzekeraars van ProRail op grond van artikel 6:197 BW (Tijdelijke Regeling Verhaalsrechten) niet toekomen. Deze regeling bepaalt immers dat rechten uit onder meer artikel 6:173 BW niet vatbaar voor subrogatie zijn. Omzeiling van deze regeling is expliciet verboden door artikel 6:197 lid 3 BW, dat bepaalt dat de rechten door de verzekeraar evenmin krachtens een overeenkomst verkregen kunnen worden of te zijnen behoeve door de verzekeraar op naam van de verzekerde kunnen worden uitgeoefend. Door op voorhand met ProRail overeen te komen dat uitsluitend niet verhaalbare schades gedekt zijn, wordt een zelfde resultaat bereikt, aldus DB Schenker.

De Bedrijfsregeling Brandregres kent eveneens drempels voor verhaal van gesubrogeerde verzekeraars, die volgens ProRail evenzeer worden omzeild door de betreffende polisbepaling. Volgens DB Schenker is de bepaling uitsluitend opgenomen om op die manier ProRail ten behoeve van de property verzekeraars verhaal op aansprakelijke partijen als DB Schenker te laten nemen en zo de betreffende regelingen te omzeilen.

Zienswijze Hof

Het Hof Arnhem-Leeuwarden (en overigens ook de rechtbank in eerste aanleg) is het niet met DB Schenker eens. Het Hof acht daarbij doorslaggevend de omstandigheid dat in deze zaak niet geprocedeerd wordt tegen de property verzekeraars, maar tegen ProRail. Voor zover er door property verzekeraars al de Tijdelijke Regeling Verhaalsrechten getracht wordt te omzeilen, brengt dat niet mee dat het ProRail als direct benadeelde partij niet zou vrijstaan om DB Schenker in rechte te betrekken. Het Hof overweegt in dat verband dat een benadeelde altijd de keuzevrijheid heeft of hij bij het optreden van schade die onder de verzekering zou kunnen vallen, de eigen verzekeraar aanspreekt, dan wel de aansprakelijke derde. En ook al zou omzeiling wat verzekeraars betreft niet door de beugel kunnen en bijvoorbeeld onrechtmatig zijn, dan zou dat nog geen onrechtmatigheid van ProRail (als verzekerde) opleveren.

Conclusie

Ik zou menen dat het op deze manier voor verzekeraars wel lonend lijkt om standaard een polisbepaling met voornoemde strekking op te nemen. Verzekerden zullen dan altijd eerst de schade bij de aansprakelijke partij (en niet de aansprakelijkheidsverzekeraar) moeten proberen te verhalen om pas dekking te kunnen verkrijgen als blijkt dat dat niet lukt. Dat lijkt in feite toch veel op een omzeiling van de Tijdelijke Regeling Verhaalrechten en de Bedrijfsregeling Brandregres, welke omzeiling beide regelingen nu juist expliciet zeggen te willen voorkomen. Overigens concretiseert de huidige Bedrijfsregeling Brandregres 2014 (die in de door ProRail / DB Schenker-zaak nog niet van toepassing was) dit wel door in de toelichting op te nemen dat wanneer een benadeelde rechtstreeks de aansprakelijke partij aanspreekt voor schade die op grond van de BBr 2014 voor rekening van de brandverzekeraar zou zijn gebleven, de aansprakelijkheidsverzekeraar de benadeelde de schade zal vergoeden. Vervolgens dient de brandverzekeraar de aansprakelijkheidsverzekeraar te betalen. In zoverre lijkt de brandverzekeraar dan dus weinig op te schieten met de polisbepaling.

Meer informatie

Neem voor meer informatie over dit of andere aansprakelijkheidsrechtelijke onderwerpen contact op met Rutger Evers, advocaat en verzekeringsrechtspecialist, E: rutger.evers@nysingh.nl | M: 06 53 26 73 16.

Actueel